Vooraleer je op reis kan vertrekken,
wacht je de onvermijdelijke taak van het inpakken van de koffers.
Dit moment gaat bij mij vooral gepaard met een op- en neergaande stroom van paniekaanvallen:
Heb ik dat mooie jurkje bij voor ’s avonds? Ik heb toch wel voldoende washandjes ingepakt?
Terwijl ik mezelf deze vragen stel, loop ik heen en weer door het huis om alle kasten voor een vierde keer te controleren.
En als ik mezelf dan weer even kan geruststellen, begin ik alvast te dromen over mijn zalig warme vakantiebestemming.
Het is deze zomer de eerste keer dat ik op kamp vertrek
en om eerlijk te zijn, razen de zenuwen al de hele dag in mijn buik aan een snelheid waarvoor auto’s hier in België flink beboet kunnen worden.
Ik kijk er echt naar uit om te vertrekken; al is het dan met één washandje te weinig…
Wanneer dan eindelijk het moment is aangebroken dat het kamp echt begint, stijgt de adrenaline ten top.
Samen met mijn vriendin vul ik de 16 uur durende busrit met feestelijk gezang
en bijzonder weinig gesnurk; slapen op een bus is nu eenmaal niet voor iedereen weggelegd…
In de vroege ochtend voelen we ons doel naderen
en wanneer we bij een tankstation langs de weg enkele Italiaanse uitspattingen horen,
beseffen we dat ons gevoel juist is en we onze eindbestemming naderen.
We zijn blijkbaar niet de enigen die dit vermoeden,
want de hele bus wordt nog enthousiaster dan tevoren!
De prettig gestoorde monitoren overwegen zelfs even een vreugdedansje rond de bus, maar ze kunnen zich net op tijd inhouden.
Hoera! Eindelijk komen we aan op onze eindbestemming,
het vissersdorpje Cesenatico aan de Adriatische kust.
Ietwat vermoeid stap ik uit de bus om de zwoele Italiaanse sfeer op te snuiven.
Dadelijk worden mijn slaperige ogen weer klaarwakker bij het aanschouwen van het prachtige strand.
Het water is hemelsblauw, een kleur waar onze Noordzee een punt aan kan zuigen…
Met een nu al voldaan gevoel en een grote glimlach op mijn gezicht,
start ik mijn vakantie.
Reine De Bock